Voor elektriciens, studiebureaus en bouwheren

Kabelberekening volgens NBN HD 60364 en het AREI

Per leiding de sectie, de spanningsval en de kortsluitcontroles, met de werkelijke lengte van het tracé en de werkelijke belasting van de kring.

Kabeltracés getekend op het grondplan van een gebouw, met per kring de lengte van het tracé

Zo ziet het resultaat eruit

Een gebouw met een hoofdbord, een achterbouw en tien kamers op een eigen onderbord. Per leiding staan de tussenwaarden en het oordeel; het besluit staat vooraan in de nota, met de normen waarop het steunt.

Besluit uit de nota: alle 13 leidingen voldoen aan de vier controles, met verwijzing naar AREI 4.4.1.5, 4.4.2, 5.2.1.2, NBN HD 60364-5-52 en IEC 60364-4-43
Het besluit van de nota, met de normen die getoetst zijn. Klik om te vergroten.
Tabel Leidingen uit de nota: per kring de beveiliging, het kabeltype, de referentiemethode, de lengte, IB, Iz, de spanningsval, Ik,min en het oordeel
Per leiding: beveiliging, kabel, plaatsing, lengte, IB, Iz, spanningsval, Ik,min en oordeel. De "t" achter de lengte betekent: getraceerd op het grondplan. Klik om te vergroten.

Wat is een kabelberekening?

Een kabelberekening controleert per leiding of de gekozen sectie en de beveiliging samen voldoen. De kabel mag niet overbelast raken, de spanningsval aan het einde moet binnen de grens blijven, en bij een kortsluiting moet de beveiliging op tijd en veilig afschakelen. Elke controle gebeurt met de werkelijke lengte van het tracé, de plaatsingswijze en de belasting van die kring.

Voor korte kringen in een woning is de standaardsectie meestal ruim genoeg. De berekening telt bij lange leidingen en grote stromen: voedingen naar een onderbord of bijgebouw, kamers op afstand van het hoofdbord, een laadpaal of warmtepomp aan het einde van het tracé. Daar bepaalt de spanningsval de sectie, niet de zekering.

Vier controles per leiding

Elke leiding doorloopt dezelfde vier controles. De norm of het artikel waarop elke controle steunt, staat erbij, in de nota net zoals hier.

  1. 1

    Overbelasting

    De belastingsstroom IB blijft onder de beveiliging In, en die blijft onder de toelaatbare stroom Iz van de kabel na correctie voor temperatuur, groepering en bodem.

    NBN HD 60364-5-52 · IEC 60364-4-43 §433.1

  2. 2

    Spanningsval

    Cumulatief vanaf de oorsprong tot het einde van de leiding, met de werkelijke lengte en de arbeidsfactor. Grens 3 % voor verlichting, 5 % voor de andere kringen.

    NBN HD 60364-5-52, bijlage G · AREI 4.6.1

  3. 3

    Kortsluiting aan het begin

    Het onderbrekingsvermogen van de beveiliging is groter dan de kortsluitstroom Ik,max aan het begin van de leiding, en de doorlaatenergie blijft onder wat de kabel thermisch verdraagt (I²t ≤ k²S²).

    AREI 4.4.2.1 · IEC 60364-4-43, tabel 43A

  4. 4

    Kortsluiting aan het einde

    De kortsluitstroom Ik,min aan het einde is groot genoeg om de automaat magnetisch te laten afschakelen: de leiding blijft binnen haar beschermde lengte.

    AREI 4.4.2.2

Lengtes van het plan, belasting uit de vermogenberekening

De twee getallen die het resultaat bepalen, komen niet uit een schatting. De lengte van elke leiding volgt uit het kabeltracé op het situatieschema; de belastingsstroom volgt uit de vermogenberekening van dezelfde kring.

Grondplan met per kring een getekend kabeltracé van het verdeelbord naar de kamer, met de lengte per tracé
De kabeltracés op het grondplan: per kring de weg van het bord naar de kamer, met de lengte. Klik om te vergroten. Over het situatieschema
Kabeltabel in Sparki: per kring de beveiliging, de leiding, de plaatsing, de getraceerde lengte, IB, Iz, spanningsval, Ik,min, vier groene controles en het oordeel in orde
Dezelfde kringen in de kabeltabel: de lengte komt van het tracé, IB van de vermogenberekening, en per leiding vier controles. Klik om te vergroten. Over de vermogenberekening

Per verdeelbord de kortsluitstroom en de spanningsval

Bij meerdere borden telt de voedingsleiding naar een onderbord mee voor elke kring van dat bord. De nota geeft per verdeelbord de kortsluitstroom Ik,max en de spanningsval tot aan het bord, de waarden die AREI 3.1.2.2.b op het schema vraagt.

Tabel Voedingsketen: per verdeelbord de voedingsleiding, Ik,max, de spanningsval tot het bord en het aantal leidingen
De voedingsketen: hoofdbord, achterbouw en de kamers, elk met Ik,max en de spanningsval tot aan het bord. Klik om te vergroten.

Wat u aanlevert

  • •Het eendraadschema of de kringlijst, met de beveiligingen
  • •Het grondplan, zodat wij de tracés kunnen tekenen, of uw eigen opgemeten lengtes
  • •De plaatsingswijze: in buis in de wand, in de grond, in goot, gebundeld
  • •De kortsluitstroom aan de teller, als de netbeheerder die gaf

Ontbreekt er iets, dan rekenen wij met de veilige waarde en staat die als aanname in de nota.

Wat u ontvangt

  • De nota met per leiding de vier controles, de tussenwaarden en het oordeel
  • De voedingsketen per verdeelbord, met Ik,max en spanningsval tot het bord
  • De kabeltracés op het grondplan als bijlage, en de secties op het eendraadschema
  • Het Sparki-bestand, om later zelf een kring bij te werken

Onze software

Eén dossier: schema, vermogen en kabels

Wij maken de kabelberekening in Sparki, onze eigen software. Ze werkt op hetzelfde dossier als het eendraadschema, het situatieschema en de vermogenberekening: de lengtes komen van de tracés op het plan, de belasting van de vermogenberekening, en de secties gaan terug naar het schema. Wijzigt er een kring, dan volgt de rest mee.

Wij maken Sparki via ByteBolt, ons gereedschapsmerk, ook voor iedereen beschikbaar.

Veelgestelde vragen

Wat is een kabelberekening?
Een kabelberekening bepaalt per leiding of de gekozen sectie en beveiliging samen voldoen: de kabel mag niet overbelast raken, de spanningsval aan het einde moet binnen de grens blijven, en bij een kortsluiting moet de beveiliging op tijd en veilig afschakelen. Voor elke leiding worden die controles gedaan met de werkelijke lengte, de plaatsingswijze en de belasting van die kring.
Volgens welke normen rekenen jullie?
De toelaatbare stroom en de correctiefactoren voor temperatuur, groepering en bodem komen uit NBN HD 60364-5-52, met de referentiemethode van de plaatsing. De spanningsval volgt bijlage G van dezelfde norm. De kortsluitcontroles steunen op het AREI (Boek 1, 4.4.1 en 4.4.2) en op IEC 60364-4-43 voor de thermische constante k en de voorwaarde I₂ ≤ 1,45 Iz. De kortsluitstroom per verdeelbord staat op het schema zoals AREI 3.1.2.2.b vraagt.
Welke grens geldt voor de spanningsval?
Het AREI legt geen getal op. Wij hanteren de informatieve waarden uit NBN HD 60364-5-52: 3 % voor verlichting en 5 % voor de andere kringen, gemeten tegenover 230 V en cumulatief vanaf de oorsprong. De voedingsleiding naar een onderbord telt dus mee voor elke kring van dat bord. Wenst uw dossier een strengere grens, dan rekenen wij daarmee.
Wanneer wordt de spanningsval bepalend, en niet de zekering?
Bij lange leidingen en grote stromen: voedingen naar een bijgebouw of onderbord, een laadpaal of warmtepomp aan het einde van het tracé, kamers of appartementen op afstand van het hoofdbord. Daar vraagt de spanningsval een grotere sectie dan de beveiliging alleen. In het getoonde dossier zit de voeding naar de kamers van de achterbouw op 2 % spanningsval bij 25 A over 29 m, terwijl de toelaatbare stroom ruim volstaat.
Waar komen de kabellengtes vandaan?
Uit het situatieschema. In Sparki trekken wij het kabeltracé op het grondplan, en de lengte van dat tracé gaat rechtstreeks de berekening in, met een reserve van 10 % en één meter per uiteinde. Een lengte die u zelf hebt opgemeten, nemen wij over zonder reserve. Zo staat elke lengte met haar herkomst in de nota.
Waar komt de belastingsstroom vandaan?
Uit de vermogenberekening. De verbruikers op het eendraadschema bepalen per kring het gelijktijdig vermogen en dus de stroom IB. Kabelberekening, vermogenberekening en schema werken in Sparki op hetzelfde dossier, zodat een gewijzigde kring overal meegaat.

Kabelberekening nodig?

Stuur het eendraadschema en het grondplan door, dan bekijken wij samen wat het dossier nodig heeft.