Vermogenberekening
Hoeveel vermogen vraagt uw installatie werkelijk, en welke aansluiting hoort daarbij? Wij rekenen het uit, met de herkomst van elk getal erbij.
Wat is een vermogenberekening?
Een vermogenberekening bepaalt hoeveel elektrisch vermogen een installatie werkelijk vraagt, en welk aansluitvermogen daarbij hoort. Alles optellen wat aangesloten is, volstaat niet: dat geeft het geïnstalleerd vermogen, en dat staat nooit allemaal tegelijk aan.
Door per verbruiker rekening te houden met hoeveel van het naamplaatvermogen echt getrokken wordt en met hoe vaak het toestel samen met de rest aan staat, komt u tot het gelijktijdig vermogen. Dat is het getal waarop een aansluiting gedimensioneerd wordt.
In het dossier verderop op deze pagina staat 17,9 kVA geïnstalleerd tegenover 7,6 kVA gelijktijdig. Meer dan een halvering. Wie op het geïnstalleerd vermogen dimensioneert, vraagt een veel te zware en veel te dure aansluiting aan.
Waarvoor dient ze?
Vier situaties waarin het getal het verschil maakt tussen een dossier dat klopt en een factuur die tegenvalt.
De juiste aansluiting aanvragen
De netbeheerder werkt met vaste sporten. Vraagt u te zwaar aan, dan betaalt u voor vermogen dat u nooit gebruikt. Te licht, en u zit vast zodra er een warmtepomp of laadpaal bij komt.
Volstaat mijn bestaande aansluiting nog?
Bij een uitbreiding met warmtepomp, laadpaal of zonnepanelen is dat de eerste vraag. De berekening geeft het antwoord vóór de installatie besteld is, niet erna.
De belasting over de fasen verdelen
Een aansluiting wordt per fase beveiligd, niet op het totaal. Eén overbelaste fase tilt de hele aansluiting een sport hoger, ook als het totaal ruim past.
Basis voor het elektrisch ontwerp
Bij meergezinswoningen, utiliteitsbouw en industrie steunt het volledige ontwerp erop: de hoofdverdeling, de kabelsecties, de beveiligingen.
Hoe wordt ze opgesteld?
Vier stappen. De rekenkant is niet ingewikkeld; de moeilijkheid zit in de aannames, en daarom moet elke aanname verantwoord zijn.
- 1
Alle verbruikers in kaart
Per ruimte en per kring: lichtpunten, stopcontacten, vaste toestellen, de ketel, de ventilatie. Uit het grondplan bij nieuwbouw, uit een opname bij een bestaande installatie.
- 2
Vermogen omrekenen naar schijnbaar vermogen
Het actief vermogen in watt gedeeld door de arbeidsfactor cos φ geeft het schijnbaar vermogen in VA. Een aansluiting wordt namelijk in kVA uitgedrukt, niet in kW.
- 3
Factoren toepassen per verbruiker
De gebruiksfactor ku en de gelijktijdigheidsfactor ks. Samen brengen ze het geïnstalleerd vermogen terug tot wat er realistisch tegelijk getrokken wordt.
- 4
Per fase optellen en de aansluiting bepalen
Elke kring hangt aan een fase. De zwaarst belaste fase bepaalt de stroom, en die stroom bepaalt welke sport van het aansluitvermogen u nodig hebt.
Gelijktijdigheidsfactoren: ku en ks
De gebruiksfactor ku zegt hoeveel van het naamplaatvermogen een toestel werkelijk trekt. Een motor die zelden op vol vermogen draait, haalt zijn kenplaat nooit.
De gelijktijdigheidsfactor ks zegt hoe vaak dat toestel samen met de rest aan staat. Aan alle stopcontacten van een woning hangt zelden tegelijk iets, dus die krijgen een lage ks. Een ventilator die continu draait krijgt ks 1 — daar valt niets af te trekken.
Er bestaat geen Belgische tabel
Dit is het stuk waar veel dossiers stilzwijgend overheen stappen. AREI Boek 1, afdeling 3.2.1 noemt allebei de coëfficiënten met naam en zegt dat u er rekening mee mag houden. Maar er staat geen tabel bij, geen waarde en geen bijlage.
Wij hebben dat nagekeken in de volledige tekst van AREI Boek 1 (versies 2022 en 2025), Synergrid C1/107, de TRDE en het Fluvius Aansluitingsreglement. Er is geen Belgische tabel met gelijktijdigheidsfactoren. De netbeheerder houdt zijn eigen statistiek bij zich en publiceert die niet.
In de praktijk wordt daarom teruggegrepen op de Franse UTE C 15-105, Tableau AC. Dat is een bruikbare referentie en het is wat de sector hanteert — maar het is uitdrukkelijk geen Belgische norm, en dat hoort in het dossier te staan.
Waarom wij de herkomst per getal meeleveren
Omdat de methode niet vastligt, is een vermogenberekening zonder verantwoording een gok met een nette opmaak. In onze rapporten draagt elke waarde daarom een herkomst:
- norm staat letterlijk in een norm of reglement, met artikel erbij
- praktijk gangbaar in de sector, met een aanwijsbare bron zoals Tableau AC
- huisregel onze eigen standaardwaarde: verdedigbaar, maar niet genormeerd
Zo ziet u meteen welke getallen vastliggen en welke een aanname zijn die u voor uw dossier kunt overschrijven.
Wat u krijgt
Een rapport dat de controleur, de netbeheerder en uw klant alle drie kunnen lezen — met het besluit vooraan en de onderbouwing erachter.
Het advies zegt ook waaróm
In dit dossier vraagt de installatie 7,6 kVA, maar trekt de zwaarste fase 11,4 A. Een aansluiting wordt per fase beveiligd, dus die fase bepaalt de sport — en het rapport vermeldt erbij dat een gelijkmatiger verdeling over de fasen een lichtere aansluiting mogelijk maakt. Dat is bruikbaar advies in plaats van een getal.
Automatisch, uit het dossier
Sparki — onze softwareWij hebben deze berekening ingebouwd in Sparki, onze eigen software voor eendraadschema’s. Wie het schema tekent, heeft de verbruikers al ingegeven — de vermogenberekening rolt er dan uit zonder dat u iets opnieuw moet intypen. Inclusief de fasenverdeling, de aannames die gemaakt zijn en wat er opviel.
Veelgestelde vragen
Wat is een vermogenberekening?
Waarvoor heb ik een vermogenberekening nodig?
Wat is het verschil tussen geïnstalleerd en gelijktijdig vermogen?
Wat zijn de gebruiksfactor (ku) en de gelijktijdigheidsfactor (ks)?
Bestaat er een Belgische tabel met gelijktijdigheidsfactoren?
Waarom is de verdeling over de fasen belangrijk?
Wat kost een vermogenberekening?
Kan ik het zelf berekenen?
Vermogenberekening nodig?
Stuur uw grondplan of uw bestaande schema door, dan krijgt u een prijs voor dat dossier voordat wij beginnen.